We hebben er flink op los moeten improviseren, maar in vergelijking met bijvoorbeeld de horeca en de evenementenbranche draaide de televisiewereld in 2020 nog aardig door. De kijkcijfers waren hoger dan in jaren, met als grootste publiekstrekker uiteraard het dynamische duo Mark Rutte en Hugo de Jonge en hun sidekicks Irma en Corine. Totdat Mark solo ging en op 13 december 8,4 miljoen kijkers aan zich wist te binden.

Maar goed, zo grappig was het natuurlijk allemaal niet. Nog nooit is er een tv-uitzending geweest die zoveel mensen trok die allemaal tegelijkertijd liever hadden gehad dat het nooit uitgezonden had hoeven worden en die hoopten dat het meteen de allerlaatste aflevering zou zijn.

Ook rond oud en nieuw kwamen er weer twee duidelijke voorbeelden voorbij van hoe corona ingreep op tv-programma’s. Youps tiende en laatste oudejaarsconference bleek op 12 december al opgenomen te zijn, toen er nog 30 man publiek bij mocht. En de bekendmaking van de postcodekanjer van 54,9 miljoen moest in het geniep, om een volksoploop te voorkomen. Martijn Krabbé kwam in plaats daarvan met een verrassende quiz met veel potentie en een schitterend decor. Ik vond het een stuk boeiender om naar te kijken dan bijvoorbeeld de inmiddels nogal versleten koffertjes van Linda. Hoewel het programma staat of valt met de finalekandidaat, want deze heeft een nog grotere rol dan bij Miljoenenjacht.

MISSIE GESLAAGD

Gerard Joling tijdens Nederland geeft licht 2020

Ook de twee programma’s van KWF waarvoor ik afgelopen jaar de eindredactie heb gedaan vergden flink wat aanpassingen. Zouden we met Nederland Staat Op Tegen Kanker aanvankelijk weer net als de vorige jaren in juni op een plein vol mensen met een groot podium ergens in den lande staan, door dat plan ging half maart een dikke streep. We stelden het uit naar augustus en weken uit naar Paleis Soestdijk en het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis voor een intieme, ingetogen versie.
Ook het gigantische, elk jaar groter verder uitdijende hart van lampionnen in het kader van Nederland Geeft Licht kon niet op dezelfde manier doorgang vinden als vorig jaar in het Olympisch Stadion. Zonder publiek had wel gekund, maar om enkele tienduizenden lampionnen in elkaar te zetten en met namen te beplakken zijn vele tientallen vrijwilligers nodig, en dat ging dit jaar dus even niet. Vandaar dat we overwegend kleine “lampionnetjes” in Madurodam hebben geplaatst.

De reacties op beide ‘uitgeklede’ programma’s waren hartverwarmend: men vond het stemmig, mooi, indrukwekkend, goed bedacht. Bovendien, het aantal nieuwe structurele donateurs zowel als de hoeveelheid gedoneerde lampionnen overtrof die van vorig jaar ruimschoots.
Kortom: missie geslaagd.

Het was een fantastische uitdaging om mee te denken over hoe we deze programma’s toch konden realiseren, maar uiteindelijk geldt hiervoor hetzelfde als voor de dodenherdenking op 4 mei jl.: tegen de achtergrond van de pandemie was het heel indrukwekkend, maar volgend jaar willen we er toch weer met al die mensen staan, schouder aan schouder.

KOLKENDE MASSA

Met al die creatieve oplossingen voor ingewikkelde situaties moest ik op Nieuwjaarsdag weer denken aan 1 januari 1984. Slechts vier dagen daarvoor had ik kennisgemaakt met de leden van Drukwerk. Ik was aangenomen als hun nieuwe toetsenist en we zouden in januari gaan repeteren. Maar op oudejaarsavond belde de manager: er stond een optreden op nieuwjaarsdag in Ruinerwold. Uitverkocht huis, 800 man publiek. Alleen werd de oude toetsenist al een tijdje beurtelings vervangen door twee anderen, en die dachten van elkaar dat ze op 1 januari mee zouden spelen. Maar ze konden allebei niet…

‘Ik durf het bijna niet te vragen…,’ zei de manager. Het was oudjaarsavond, ik had al een paar bakkies op en zei: ‘Tuurlijk, ik doe wel mee.’
De volgende avond stapte ik rond half 10 het podium op samen met Harry Slinger, Ton Coster, Lucas Huizinga en Hans Witteveen. Ik had nog nooit één noot met die mannen gespeeld. Het grootste deel van het repertoire had ik pas die dag voor het eerst beluisterd. Ik had een map met akkoordenschema’s en cijfertjes van welke knopjes van welke synthesizer ik in moest drukken voor de juiste sounds. Synthesizers die ik ook nog nooit van dichtbij had gezien. Een kolkende massa mensen juichte luidkeels toen ze een van de vijf populairste bands van dat moment, destijds met hun zesde hit in de Top 40 (Hee Amsterdam) genoteerd, het podium zagen betreden.

BRILJANTE OPLOSSING

We begonnen met Wat dom. Die kende ik, dat was een Top 3 hit geweest. Toen dat liedje afgelopen was, zei Harry tegen de zaal: ‘Gelukkig nieuwjaar. Jullie hebben mazzel. Wat jullie gaan meemaken is nog nooit vertoond. We hebben een nieuwe toetsenist, daar staat-ie, Edwin Gitsels. Maar we hebben nog nooit met hem gespeeld. We hadden wel kunnen gaan repeteren, maar dat is zo 1983. We dachten: we laten jullie live meemaken dat we voor het eerst samenspelen. Veel spannender.’
De zaal vond het prachtig. Wat een briljante oplossing. Er kon nu niets meer fout gaan. Ja, dat kon wel, maar dat was ingecalculeerd. Het ging wonder boven wonder goed. Maar pas bij ‘We want more’ ontwaakte ik uit de roes die me door de avond heen had gesleept en zag ik die volle, inmiddels uitzinnige zaal pas echt. En dacht: repeteren is nu niet meer nodig.

We hebben alleen al in 1984 meer dan 160 optredens gedaan, onder meer in een uitverkocht Carré. En als ik daar aan terugdenk, begrijp ik dat alle artiesten in ons land snakken naar de terugkeer van die volle zalen. Welke creatieve oplossingen er ook bedacht zijn, online, met kleine zaaltjes: het haalt het allemaal niet bij de kick van een dampende, hossende menigte, of een staande ovatie, of een we want more uit honderden, duizenden kelen.

Want dat is wat we allemaal willen: wij willen meer!

 

Over de auteur

 

Het leven is (g)een to-do lijst. Of het nu gaat om werk, om het huishouden, om zelfontwikkeling: altijd begint het met een idee of een constatering. Dat idee vormt een wens, een verlangen: je wilt dat iets anders is of wordt dan het nu is. Dat je meer gaat verdienen, meer vrije tijd hebt, dat de klimop gesnoeid wordt, de keukendeur niet meer klemt, je 4 kilo afvalt, je de autobiografie van Barack Obama eindelijk gaat lezen (je had die van Michelle nog niet eens uit), je je neef in Australië weer eens schrijft, de lijst is schier eindeloos.

DE HOND VAN PAVLOV

Om iets te bereiken, moet je iets ondernemen. Dat kun je onmiddellijk doen – je heb dorst, dus je vult een glas met kraanwater en drinkt het leeg – of je doet het later. En om te voorkomen dat het je korte termijngeheugen in beslag neemt (totdat het door iets anders urgents – of erger: niet-urgents –  wordt overschreven en je het vergeet), zet je het op een to-do lijst.

Ik gebruik de app To Do van Microsoft, de opvolger van Wunderlist. Als je in To Do iets afvinkt, klinkt er een belletje. Het effect dat dat belletje op mij heeft, bewijst dat ik niet veel verder ontwikkeld ben dan de hond van Pavlov: ik ga ervan kwijl… kwispelen, want ik heb weer iets af.
Nu is het grappige dat in To Do de voltooide taken niet gewist worden – althans, niet zoals het bij mij is ingesteld – , maar met een streep erdoor in de lijst blijven staan. Zo kan ik door alle taken die ik afgelopen jaar heb afgerond scrollen. Voorwaar een indrukwekkende lijst!

PATTY EN COEN

Er zitten taken tussen waarvan ik me nu al niet meer kan herinneren waar ze op sloegen. ‘Patty in la tv-kast’, bijvoorbeeld, dat ik eind maart heb afgevinkt. Geen idee waar het over gaat, niet wie Patty is, laat staan wat ze in de la van onze tv-kast te zoeken had.
Er zitten taken tussen waarvan ik toen ik ze afvinkte nog geen vermoeden had waar het toe zou leiden. ‘Coen Swijnenberg terugbellen,’ bijvoorbeeld. Coen – ja, die van Coen & Sander – had mij een berichtje gestuurd: hij had mij op internet gevonden en wilde me spreken. Twee weken later zat ik bij zijn 80-jarige vader in de huiskamer, en voerde het eerste van een reeks boeiende gesprekken. Momenteel ben ik volop bezig met het schrijven van zijn biografie èn heeft hij mij bij een 94-jarige goede kennis aanbevolen, die ik inmiddels ook twee keer heb bezocht en wiens levensverhaal ik komend jaar eveneens aan het papier ga toevertrouwen.

VAN PENOZA NAAR CORONA

Maar in een bizar jaar als 2020 staan er ook taken op mijn to-do lijst die nu al nostalgisch stemmen. ‘Bioscoopkaartjes reserveren,’ lees ik een paar maal in januari en februari. Petra en ik hadden net sinds een aantal maanden de bioscoop herontdekt. Jarenlang had ik drie tot vier keer per week tussen collega’s in een filmzaal gezeten, toen ik midden jaren ‘90 een punt zette achter het recenseren van films voor tijdschriften en vakbladen. In de tussenliggende 25 jaar was ik misschien tien keer naar de bioscoop geweest. Tot we Cineworld in Beverwijk ontdekten: 25 minuten met de auto, gratis parkeren, en een gezellig grand café erbij. We zagen ‘Rocket man’, ‘Penoza’, ‘1917’, ‘Knives out’, ‘Just mercy’… en toen kwam corona.

 

LEKKER VERDWIJNEN

Cocoonen is op z’n tijd heerlijk, maar ik mis het lekker in het donker verdwijnen in een film op het grote doek. De vrijdagmiddagborrels in ons stamkroegje Het Wapen van Zandvoort. Onze etentjes buiten de deur op zondagavond.
Ik wens dat iedereen in 2021 de dingen die hij of zij mist weer terug ziet keren in zijn of haar leven. Maar bovenal: blijf gezond en doe wat daar voor nodig is, niet alleen voor jezelf, ook voor elkaar! Zet anderhalve meter afstand houden op je to-do lijst en vink het pas af als we Covid-19 er helemaal onder hebben.
Wat zal dat belletje een opluchting geven!

 

Over de auteur

Vandaag, 1 september, is het 25 jaar geleden dat ik bij de televisie ben gaan werken. Ik had zes jaar daarvoor (in 1989 dus) ook al een poging gedaan: ik was aangenomen bij TV10 van Joop van den Ende. Maar het CDA stak daar een stokje voor. Op mijn eerste werkdag in Aalsmeer ging de stekker eruit. Godskolere, ik had mijn baan als eindredacteur van de Hitkrant opgezegd…

Gelukkig mocht ik van uitgever Gérard Bed terugkomen. Zelf verliet hij Bonaventura om een Nederlandse vestiging van het Vlaamse productiehuis D&D op te zetten.

Twee jaar daarna begonnen Fons van Westerloo en Bart in ’t Hout SBS6. Ze bestelden een berg programma’s bij D&D, dat daarom rap moest uitbreiden. Eén van die programma’s was Showbiz, weggekaapt bij RTL4 waar het Showtime heette, gepresenteerd door Albert Verlinde en Paulien Huizinga. Albert ging daarnaast bij SBS de dagelijkse quiz Waagstuk presenteren. Tot dan toe combineerde hij presentatie met eindredactie, maar dat was nu niet meer vol te houden. Daarom belde Gérard mij of ik de eindredactie wilde overnemen. Dus daar ging ik. Sprong in het diepe. Televisie maken.

Ik wist niet eens wat een digibeta was. Je kon mij zo naar het magazijn sturen om een set kleurenbalkjes te gaan halen.

Team Showbiz

 

140 AFLEVERINGEN WINTERTIJD

Gelukkig belandde ik in een gedreven topteam, bestaande uit Jos Maathof, Joyce ter Weijden, Sandra Alderding, Welmoed van Rijs, Marike van Rijnsbergen, Lucille Werner en Peter Van Der Vorst. In no time leerde ik de basiskneepjes van het vak.

Helaas was Showbiz geen succes op SBS6. Er volgde een ENG-variant, Show & Zo, zonder Paulien Huizinga. Ook dat hield het maar één serie vol. Mijn derde klus was wel een hit: De Show van je Leven met Astrid Joosten, bij de VARA. En in de jaren daarna volgde er nog veel en veel meer programma’s, met voor mij als hoogtepunten Lalala Live (AVRO), een muziekprogramma met Bart Peeters, de spelshow Zo Vader Zo Zoon (NCRV) met Gregor Bak en in het panel Nelly Frijda, Jochem van Gelder en Angela Schijf, en de muzikale talkshow Wintertijd (RTL5 en later AVRO) met Harry de Winter.
Toen IDTV in 1999 fuseerde met D&D maakte ik kennis met Harry, net afgetreden als CEO en klaar voor zijn eerste presentatieklus. Zo’n 140 afleveringen heb ik gemaakt. En begin dit jaar weer 5 nieuwe voor de NTR: alsof ik mijn lekkerste oude jas weer aantrok.

In 2011 ging ten gevolge van de economische crisis de bezem door het personeelsbestand van IDTV. Zelfs de mensen die mij ontsloegen werden vervolgens zelf ontslagen. Ik vond het bloedspannend maar het was ook al jaren een stille wens: freelancen. Zelfstandig zijn. Mijn vleugels uitslaan na 24 jaar in vaste dienst bij Bonaventura en D&D/IDTV.

Mijn eerste klant was… IDTV! Dierenbeschermers, een realityserie over de Dierenbescherming voor de AVRO. Maar mijn echte big break kwam een half jaar later, toen Menno Buch na jaren lobbyen het voor elkaar kreeg dat hij van Justitie in gevangenissen mocht filmen. Niet af en toe een dagje, nee, maandenlang! En zijn soulmate Nicole, met wie ik bij IDTV jarenlang House Vision en Yacht Vision had gemaakt, vroeg mij als eindredacteur.

Met Menno en Nicole Buch

VIER SERIES BUCH IN DE BAJES

Over de vier series Buch in de bajes alleen al kan ik een boek schrijven. Er kwam ook een boek, maar dan over het leven van Menno, die in 2014 overleed aan kanker en mij in zijn laatste fase had gevraagd om samen met Nicole zijn biografie te schrijven. Dat beviel zo goed dat ik begin 2017 besloot om naast televisie meer biografieën te gaan schrijven. Ik begon biografiebureau Ditisjeleven.nl en heb inmiddels acht levensverhalen in evenzoveel boeken vastgelegd. De volgende drie komen er aan, twee daarvan komen in de boekwinkels te liggen.

Mijn nieuwe activiteiten als biograaf betekende zeker niet het afscheid van televisie. Ik heb sinds vorig jaar het voorrecht om het maken van programma’s te combineren met iets goeds doen voor de medemens, bij I Care Producties. Ik heb twee keer de eindredactie van Nederland Staat Op Tegen Kanker gedaan, en zo mogen meehelpen met het werven van in totaal zo’n 43.000 nieuwe structurele donateurs voor KWF Kankerbestrijding.

In mijn directe omgeving zijn teveel familieleden, vrienden en collega’s aan kanker overleden. Mijn vader, mijn zus, mijn schoonzus, mijn schoonmoeder, Menno Buch, Jan Buys, Jaap Buys, John Eshuis, Jos Brink, Frank de Jonge, Piet Erkelens, Marianne Plukker, Hansje Bunschoten, Michelle Kolsteeg, Thé Lau, de lijst is lang. Daarom ben ik dankbaar dat juist KWF op mijn pad is gekomen waarvoor ik me met alles wat ik de afgelopen 25 jaar heb geleerd kan inzetten.

LIFE IS WHAT HAPPENS…

Ik heb met veel fantastische mensen mogen werken de afgelopen kwart eeuw. Van iedereen heb ik wel iets geleerd. Onmogelijk om ze allemaal te noemen. Toch wil ik vier mensen speciaal bedanken voor de kansen die ze mij hebben gegeven en het geloof dat ze in mij hadden: Gérard Bed, Harry de Winter en Nicole Buch.

En natuurlijk mijn eigen Petra, die mij met al die idioot lange dagen, mijn buitenlandse reisjes en mijn maandenlange verblijf in gevangenissen bleef steunen en toejuichen en al mijn programma’s mooi vond. Behalve Korenslag, daar kon ze niet naar kijken. 😉

Tijdens de opnamen van de Top 500 van het Foute Uur (Net 5)

Het is nog niet klaar, allesbehalve dat. Ik weet wat er de komende tijd op mijn pad ligt. Dat is op zich al een grote luxe in deze onzekere tijden. Er staan enkele televisieprogramma’s, een documentaire en (minimaal) drie biografieën op stapel. Dat houdt me de komende anderhalf, twee jaar wel van de straat. Hoewel, als er iets is wat ik heb geleerd de afgelopen 25 jaar, is het dat het volstrekt niet te voorspellen valt of het ook allemaal doorgaat.

En dat is ook niet erg. Life is what happens to you while you’re busy making other plans. Dat is mijn levensmotto en dat werkt uitstekend. Want juist door te accepteren dat dingen altijd anders kunnen lopen, door je flexibel op te stellen en mee te bewegen met wat het universum voor je in petto heeft, beleef je de mooiste avonturen.

Zijn je ouders binnenkort 30, 40, 50 of misschien zelfs 60 jaar getrouwd? Of wordt je vader 80 jaar, of je moeder 75? Alvast gefeliciteerd! Maar wat een domper dat je het nu niet groots kunt vieren, in deze coronatijden. Als je toch iets bijzonders voor ze wilt doen, heb ik misschien de oplossing: geef ze hun levensverhaal! Het is het (bijna) mooiste cadeau voor je ouders!

Waarschijnlijk ben je sowieso al aan het nadenken over wat je ze zult geven. Lastig hè? Vaak hebben mensen die wat ouder zijn al alles wat hun hartje begeert. Bovendien wil je iets echt origineels geven, iets wat ze zal ontroeren, wat indruk maakt, waaruit echt spreekt hoeveel je om ze geeft.

GEEF ZE EEN KLEINKIND

De allermooiste cadeaus die je je ouders kunt geven, dat zijn een kleinkind, structurele aandacht en liefde, en een unieke ervaring, zoals een feest of een vakantie. Mocht het toevallig zo uitkomen dat je ze op die heuglijke dag kunt mededelen dat er een nieuw leventje aan zit te komen, ja, daar kan natuurlijk niets tegenop.  Want daarmee zet je een fantastische kroon op hun leven: voortzetting van hun bloedlijn.

Waarom je 'moeten'zoveel mogelijk uit je leven moet schrappen

Met mijn ouders (1985)

Ik heb het zelf een keer meegemaakt. Toen mijn ouders 35 jaar getrouwd waren, in 1984, vierden ze dat met een groots familiediner in Molen De Dikkert in Amstelveen. Op die avond onthulde mijn zus dat ze in verwachting was. Nou, dat werd me toch een emotionele toestand, het was geweldig om te zien. En hoewel mijn ouders in totaal zes kleinkinderen kregen (ze zijn inmiddels allebei overleden) is dat de enige zwangerschapsaankondiging die ik me nog goed kan herinneren. Omdat het op zo’n prachtig moment kwam.
Nu is de kans dat een huwelijksjubileum van je ouders precies in de periode valt dat je ontdekt dat jullie zwanger zijn natuurlijk niet heel groot. Maar gelukkig heb ik nog twee tips!

 

GEEF ZE EEN UNIEKE ERVARING

Materiële cadeaus hebben geen blijvende impact. Zelfs loterijwinnaars die meer dan een miljoen in de wacht slepen, wennen na verloop van tijd aan hun nieuwe rijkdom. Vervolgens geven ze hun leven hetzelfde rapportcijfer als voor die hoofdprijs.
Wat mensen wel duurzaam raakt is een investering in tijd en aandacht. Dat kan op veel manieren: door iets zelf te maken – een kunstwerk, kleding, een zelf ontworpen meubelstuk – of door het meest waardevolle dat een mens in deze jachtige tijden heeft te delen: tijd en aandacht. Neem je ouders mee op vakantie, of geef ze een abonnement op samen met jou en je gezin uit eten gaan of dagtripjes maken elke 1e en 3e zondag van de maand, ik noem maar iets. Het mooiste is als weet over te brengen dat je er zelf ook erg naar uitkijkt, dat het voor jou ook een manier is om continuïteit in het gezamenlijk dingen doen te brengen. Omdat het leven en je agenda anders met je op de loop gaan.

Maar voorlopig is het plannen van uitjes, trips en etentjes geen optie. En om nou te zeggen: “We gaan samen iets heel leuks doen, maar wanneer, geen idee nog,” dat is ook weer zo wat.
Of misschien is het niet mogelijk om structureel tijd in te ruimen voor het gezamenlijk dingen ondernemen. Of woon je in het buitenland, waardoor het niet realistisch is. Geen nood, hier is optie drie!

GEEF ZE HUN LEVENSVERHAAL

Als een dierbaar iemand een mijlpaal bereikt geef dan een biografie kado

Beeld je je de reactie van je ouders eens in als ze op de viering van hun huwelijksjubileum of verjaardag een mooi gebonden boek krijgen waarin hun levensverhaal wordt verteld. Samengesteld uit interviews met iedereen die hen goed kent of heeft meegemaakt in vroeger tijden. Rijk geïllustreerd met foto’s.
Of een film waarin iedereen die hen dierbaar is – kinderen, kleinkinderen, broers, zussen, andere familieleden, vrienden –, en die ze in deze barre tijden niet of veel te weinig kunnen zien, vertellen over wat je vader en moeder in hun leven betekenen. Ze vertellen de mooiste anekdotes, waarin ze misschien wel voor het eerst recht uit het hart uitspreken waarom ze van hen houden. Soms is het voor mensen lastig om hun gevoelens te uiten, terwijl dat gek genoeg tegenover een onbekende interviewer vaak makkelijker is dan tegenover de persoon of personen zelf. En dat alles geïllustreerd met foto’s en filmpjes van vroeger, met nostalgische sfeerbeelden uit hun jeugd, kortom: een documentaire over hun leven. Gemaakt met professionele televisiekwaliteit, want naast biograaf ben ik al 25 jaar programmamaker.

Wat natuurlijk ook kan, is dat je je vader en/of moeder zelf mee laat werken aan het boek. Dan geef je ze een zogenaamde ‘dummy’, met een prachtig ontworpen omslag, maar met louter blanco pagina’s erin. En je zegt: hierin komt jouw/jullie levensverhaal. Waarna ik ze een aantal malen uitgebreid ga interviewen en hun verhaal opschrijf. Niet met pen in die dummy, uiteraard. De boeken worden in elke gewenste oplage vanaf 1 exemplaar gemaakt door een professionele drukkerij/boekbinderij.

 

GEEF ZE ONSTERFELIJKHEID

Familie kijkt naar levensfilm

Het is het mooiste cadeau dat je kunt krijgen omdat je daarmee hun leven eeuwigheidswaarde geeft. Want niet alleen zijzelf, ook hun kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen hebben een uniek document waarmee ze generaties lang gekoesterd zullen blijven.

Maar het levert nog veel meer op:
Liefde. Een (nog) hechtere band met je dierbaren. Door wat ze over je zeggen.
Trots. “Als je het zo achter elkaar ziet heb ik toch wel heel wat neergezet.”
Zelfrespect. “Misschien was het niet altijd makkelijk, maar ik heb het goed gedaan.”
Plezier. Want het is een geweldige ervaring om zo’n film of boek te zien/te lezen!
Begrip. Door wat anderen over je zeggen, door dat je de rode draad nu ziet.
Hernieuwde levenslust. Zin om het verhaal verder te beleven en vorm te geven.
Waarde. Het leven is een groot cadeau. Letterlijk!

Gun je je ouders de wereld? Gun ze dan dit unieke cadeau. Ook in deze coronatijd prima te realiseren!

 

Over de auteur

 

 

Het leven is wat je gebeurt terwijl je andere plannen maakt. Nu grote delen van onze maatschappij noodgedwongen tot stilstand zijn gekomen, valt ons op, naast de schone, strakblauwe lucht, het vogelgekwetter en de overbodigheid van publiek bij talkshows, dat we altijd wel heel erg aan het hollen en draven waren. Vanwaar toch die rusteloosheid? De Vlaamse filosoof Ignaas Devisch schreef er in 2016 een boek over dat in deze coronacrisis zeer waardevolle inzichten biedt. Zoals: waarom mogen soms erger is dan moeten…

En toen zat ook ik ineens met een lege agenda. De biografie die ik bijna af had moest even in het vriesvak, want ik kon de 83-jarige hoofdpersoon niet meer bezoeken. Het tv-programma dat ik samen met het team aan het opstarten was, is voor onbepaalde tijd stil komen te liggen, omdat er 2000 man publiek bij verwacht werd en we niet met een cameraploeg langs kunnen bij de kwetsbare mensen die we willen portretteren: kankerpatiënten.

EEN BEETJE RONDHANGEN

Eindelijk weer tijd voor verwaarloosde liefhebberijen

Onmiddellijk drongen twee projecten zich aan me op die ik even opzij had gelegd omdat het mijn eigen initiatieven zijn en geen betaalde klantopdrachten: een boek en een documentaire. Maar ik wilde ook van de gelegenheid gebruik maken om achterstallig onderhoud aan ons huis te plegen. Eindelijk het pianospelen weer op te pakken. Me verder te bekwamen in videomontage. Mijn blog nieuw leven in te blazen. Kortom: in no time puilde mijn agenda weer uit met zelfopgelegde taken en bezigheden. Want zo pak ik dat aan: meteen een strakke planning maken, waar ik mijzelf gedisciplineerd aan houd, inclusief elke dag de wekker op kwart over 7 zetten en de dag beginnen met een uur bewegen.

Natuurlijk weet ik ook wel dat het vooral een manier is om in control te blijven. Maar hé, het werkt. Althans, ten dele. Want één ding waar ik ook al jarenlang structureel naar verlang en dat met deze aanpak allesbehalve bereikt wordt, is: rust. Een beetje rondhangen. Me vervelen. Schijnt goed te zijn voor je creativiteit, je ideeënrijkdom en je hart en bloedvaten.

GEEN TIJD TE VERSPILLEN

Maar dat ging ‘m dus niet worden. Hoe weet ik nu al niet meer, maar in diezelfde week kwam het boek Rusteloosheid van Ignaas Devisch op mijn pad. Ik heb een Kobo Plus abonnement, dus ik heb de directe beschikking over duizenden boeken. Ook die van Devisch. Geen tijd te verspillen, ik wilde het nú lezen. Misschien zou het verklaren waar die enorme drang (dwang?) om me te ontwikkelen en om creatief en/of nuttig bezig te zijn vandaan komt. Ledigheid is des duivels oorkussen, het staat nog net niet op mijn voorhoofd getatoeëerd.

Het boek stelde me niet teleur. Devisch gaat terug naar de 14e eeuw en zet op een rij wat tal van grote denkers over dit fenomeen te zeggen hadden. Dat was meteen inzicht 1: het heeft weinig te maken met De Huidige Tijd, waarin altijd alles maar sneller en sneller gaat.  Neem bijvoorbeeld de Duitse neuroloog Wilhelm Erb, die zei: ‘De ongodsdienstigheid, ontevredenheid en hebzucht zijn in brede lagen van het volk toegenomen; de mateloze uitbreiding van het verkeer en de wereldomspannende netwerken hebben de omstandigheden in het handelsverkeer totaal gewijzigd: alles gebeurt in haast en agitatie.’ Wanneer Erb deze uitspraak deed? In 1893.

LIFE’S WHAT YOU MAKE IT

Overigens, die ongodsdienstigheid waar Erb het over heeft speelt een grote rol in onze rusteloosheid, schrijft Devisch. Door de secularisatie zijn wij als individuen steeds vrijer geworden in onze keuzes. Daarnaast is afkomst een kleinere rol gaan spelen. Je identiteit wordt nu bepaald door je persoonlijke verdienste, door je prestaties. Life’s what you make it, zoals Mark Hollis van Talk Talk zong. Hoe meer we de vrijheid hebben om onze eigen keuzes te maken, hoe meer onze identiteit staat voor het resultaat van die persoonlijke keuzes.

‘We mogen de hele dag zelf bepalen wat we doen en dat brengt een enorme druk met zich mee,’ aldus Devisch. ‘Mogen is soms nog erger dan moeten. Want we worden verantwoordelijk gesteld voor alle keuzes die we maken. We zijn bijgevolg moe van almaar te moeten kiezen, van onszelf te moeten zijn.’
De Duitse filosoof Peter Sloterdijk noemt dat de NV Ik. Coaches adviseren ondernemers en zzp’ers om zichtbaar te zijn, zich te profileren op social media en hun persoonlijke verhaal zoveel mogelijk te vertellen. Zelfrealisatie rules! We zijn constant met onze Ik BV bezig. Daarom komen we tijd tekort en klagen we over tijdsdruk. Dag in, dag uit werken we aan het realiseren van onze ambities en aan het nastreven van een betere versie van onszelf. Devisch: ‘Zelfontplooiing is tegenwoordig een never ending story dat als ideaal zowel in arbeid als in vrije tijd doorwerkt.’

ONBEWOOND EILAND

Op een onbewoond eiland verlangen we naar de wereld

En dan kan het gebeuren dat we onszelf voorbijlopen. Dan wordt het ons teveel en verlangen we naar een tijd waarin we niets meer verlangen, maar dat is ook weer een verlangen. ‘Wie het druk heeft, verlangt naar een onbewoond eiland. Wie op een onbewoond eiland leeft, verlangt naar de wereld.’

Momenteel leven velen van ons op een onbewoond eiland, metaforisch gesproken. In dit vier jaar geleden verschenen boek was dat voor Devisch nog een hypothetisch gegeven: ‘Elke avond van de week kunnen we naar de film, het theater of een concert; we kunnen zo vaak we willen met vrienden afspreken […], we kunnen vandaag van zoveel proeven dat het inderdaad vaak moeilijk kiezen is. Maar stel je voor dat er niets te beleven valt, dat er geen sportterreinen zijn, dat de plaatselijke bibliotheek dicht is, dat alle festivals en feesten worden afgelast. […] Hoelang zouden we die verlangzaming als prettig ervaren? Anders gezegd: hoe snel zouden we niet rusteloos op zoek gaan naar iets om onze vrije tijd te vullen?’

INKTZWARTE DOEMSCENARIO’S

In die situatie zitten we nu. En, bevalt het? Ikzelf begin het er nu na een maand wel moeilijker mee te krijgen. Ik zou heel graag weer gewoon gezellig uit eten willen of even een biertje doen met vrienden in ons stamcafé.
Maar ik zie ook grote voordelen. Thuiswerken is me altijd al uitstekend bevallen;  ik kwam er gisteren achter toen ik naar de bouwmarkt reed dat ik vier weken niet in mijn auto had gezeten! Dat we nu met z’n allen eens goed nadenken over of alles wat we deden en ondernamen wel echt nodig was, is winst.

Maar tegelijkertijd worden ons inktzwarte doemscenario’s voorgeschoteld over de maatschappelijke en economische gevolgen van deze pandemie. Hoe eerder alles weer op volle stoom is, hoe meer we de schade beperken, aldus het IMF. Maar is dat dan de hoop, dat we zo snel mogelijk weer naar de oude situatie terugkeren, door Devisch als volgt omschreven: ‘Iedereen drijft elkaar tot het uiterste om maar een milliseconde sneller te zijn dan de concurrent. Wat in de sport winnen heet, wordt in de economie gedefinieerd als winst. Wie een economie op tijd doet draaien, zet alle schakels van het systeem onder tijdsdruk: het werk, de consumptie, de productie, de distributie, de ontwikkeling en vernieuwing en het onderzoek.’

KEUZESTRESS

Want steeds sneller is de oplossing niet. We dachten altijd dat we meer vrije tijd zouden overhouden door alle nieuwe technieken, maar het tegendeel is waar.  Die vrijheid schept nieuwe rusteloosheid: wat gaan we met die herwonnen uren doen? Vrijwel alles kan, en dat maakt het juist zo moeilijk om te kiezen. Keuzestress: voor alles waar je voor kiest, bestaan er ook tal van alternatieven.

Wat voor mij werkt, is om van tevoren een weekschema te maken met voor elk dagdeel een activiteit. Dan hoef ik als ik daarmee bezig ben niet meer na te denken over of ik misschien beter iets anders zou kunnen doen. De kunst is om precies de balans te vinden tussen jezelf aan je eigen schema te houden en de vrijheid te nemen om ervan af te wijken als de omstandigheden daarom vragen. Om te voorkomen dat je een slaaf wordt van jezelf. Want dat is weer het andere uiterste van teveel vrijheid.

MINDER WERKEN HELPT NIET

Tot besluit nog een wijze les van Ignaas Devisch uit zijn boeiende boek: ‘Rusteloosheid verdwijnt niet door minder te werken of meer te ontspannen. Dat kan misschien voor even de drukte en de onrust doen verminderen, maar het constante idee dat je iets moet doen of iemand wilt zijn in je leven, hangt niet af van het aantal werkuren. […] Iets in onszelf stuwt ons voort en zorgt ervoor dat we nooit tevreden zijn met onze status-quo, dat wil zeggen met ons leven zoals het zich aandient. Noem het verbeeldingskracht, verlangen, streven of passie. Het zorgt ervoor dat we onszelf verliezen in wat we doen en de vraag is wat daar mis mee is.’

Ofwel: het gaat er niet om hoeveel tijd je ergens in stopt, maar om wát je doet. Maar dan is er ook weer dat andere liedje dat ik maar niet uit mijn hoofd krijg: it ain’t what you do, it’s the way that you do it, that’s what gets results.

Het is om rusteloos van te worden…

 

Over de auteur

 

 

 

Dit is zo’n bijzondere tijd, dit vergeet je nooit meer! Maar is dat wel zo? Het menselijk geheugen is als een hond die gaat liggen waar hij wil en juist de dingen die je weggegooid had kwispelstaartend komt terugbrengen. Hoe krijg je daar controle over? Simpel: schrijf alles op. Lees waarom een dagboek essentieel is. Juist nu! 

Je kunt geen krant openslaan of radio- of tv aanzetten of je leest of hoort dat we in bizarre tijden leven en dat de wereld nooit meer hetzelfde zal zijn. De term ‘het nieuwe normaal’ komt niet normaal vaak voorbij op een dag.
Het is nu al onwennig om een tv-programma met publiek te zien, helemaal als erin lustig handen geschud, gezoend en geknuffeld wordt. Zo snel past onze kijk op de wereld zich aan.
Zo’n bijzondere tijd, die zul je je nog tot in lengte van dagen tot in detail herinneren. Denk je nu. Vergeet het maar. Of beter: vergeet het niet! Hoogleraar en geheugenprofessor Douwe Draaisma: ‘We moeten ons geheugen niet als een archief zien waarin onveranderlijke aantekeningen en notities liggen, maar eerder als een veel vloeiender, diffuser bewaarsysteem dat onder invloed blijft staan van dingen die later plaatsvinden.’

ONS GEHEUGEN IS GEEN RECORDER

We zijn geneigd te denken dat ons geheugen als een soort recorder werkt. Alles is ergens in je brein opgeslagen, als je er maar op de juiste manier in poert, met de goede vragen, hypnose, therapie, dan kun je alles terugvinden. Helaas, het merendeel van wat we ervaren verdampt en laat geen spoortje achter in onze hersenen. Daar valt nog mee te leven, als wat er wèl wordt opgeslagen maar de belangrijke gebeurtenissen zijn, de dingen die je je wilt herinneren. Helaas.

Het geheugen is als een hond die niet alleen gaat liggen waar hij wil, aldus Cees Noteboom. Maar die ook nog eens kwispelstaartend aan komt dragen wat je eerder zover mogelijk van je af hebt geworpen om er nooit meer aan herinnerd te worden, voegt Douwe Draaisma toe.

Dat je niet meer weet wat je 15 jaar geleden voor je verjaardag hebt gekregen, soit. Dat je vergeten bent wat je vandaag drie jaar geleden hebt gegeten, het zij zo. Maar het is erger.

Ik zag onlangs in een agenda van 1982 dat ik negen maanden lang elke dinsdagavond een/ afspraak had met Daniël. Ik dacht: wat is dit, ik heb geen idee wie Daniël is. Gelukkig heb ik ook flinke delen van mijn leven een dagboek bijgehouden. Dus ik kon het opzoeken. Daniël bleek een klarinettist te zijn die ik hielp studeren door hem op de piano te begeleiden. Maar dacht je dat ik een Aha-erlebnis had toen ik dat las? Zo van: oooh ja, díe Daniël. Nope. Daniël is en blijft een blinde vlek. Sorry, Daniël.

ALLES STAAT STIL

Nu denk je misschien: “Is het mijn probleem dat jij zo’n schandalig slecht geheugen hebt? Zal wel Korsakov zijn. Mij gebeurt dat niet.” Laat ik je uit de droom helpen: het overkomt iedereen. Ik interview voor mijn werk als biograaf veel mensen over vroeger. Ik vroeg bijvoorbeeld onlangs aan Kees: hadden jullie vroeger televisie thuis? Kees antwoordde: ‘Nee, toen ik 11, 12 jaar was gingen we bij tante Tinie verderop in de straat kijken, die had een televisie. De halve buurt zat elke woensdagmiddag bij haar in huis, kregen we ranja en biscuitjes.’
Wat was je favoriete programma? ‘Ti-Ta-Tovenaar! “Dan doe ik dit, en alles staat stil!” “Ik kan wel zien dat jij geen echte Grobbebol bent!” Heerlijk.’

Later even gegoogeld: Ti-Ta-Tovenaar was in 1972 voor het eerst op de buis. Toen was Kees 19 jaar. Geen echte Grobbebol, dus.

Een triviaal voorbeeld wellicht, maar het gaat mij om de grote stelligheid waarmee het antwoord binnen een seconde werd gegeven. Zo was het, zo is het gegaan. Nou, niet dus.

Het lijkt voor velen van ons momenteel alsof alles stilstaat, maar alles verandert juist razend snel. Tot twee weken geleden deed ik elke thuiswerk- of vrije dag samen met Petra boodschappen aan het eind van de dag. Kan niet meer: boodschappen doe je nu alleen.
’s Morgens ga ik elke dag een uur fietsen of (hard)lopen zodat ik de rest van de dag in en rond het huis kan blijven. Als ik iemand tegenkom, duikt hij of zij bijna de berm in om maar anderhalve meter afstand te houden. Of ik doe dat zelf, als er bijvoorbeeld  iemand aankomt die zijn hond uitlaat. ‘Hoeft niet hoor,’ roept de hondenbezitter. ‘Hij doet niks.’
In vier weken tijd heb ik maar 82 kilometer autogereden, een diepterecord. Ik wil het allemaal onthouden. Dat drie vrienden van ons in het ziekenhuis liggen met ernstige complicaties, dat zal ik heus niet vergeten. Maar al die details. Het zijn de kleine dingen die het doen, die het doen.

Klussen

Juist de gewone zaken in het leven vergeten we. Tenzij we ze fotograferen of opschrijven.

GLAD VERGETEN

Er is maar één remedie: opschrijven. Al is het alleen al voor je eigen plezier. Vorige week las ik in mijn dagboek uit 2010 dat ik op 23 februari een onbedwingbare aandrang had om naar schaatsen te gaan kijken. Ik kijk nooit naar schaatsen. Ik vind schaatsen stom. Maar ik ging toch kijken, en ik zag Sven Kramer zijn legendarische wisselfout maken.

Die wisselfout zelf, die weet ik heus nog wel, en ook dat hem live gezien heb. Maar dat ik die mysterieuze neiging om de tv aan te zetten had, dat was ik glad vergeten. Wat een leuk gegeven!

De sensatie van het jaren later teruglezen van je eigen leven, dat is iets wat ik maar moeilijk uit kan leggen aan mensen die die ervaring niet kennen. Het lijkt een beetje op een oude foto van jezelf tegenkomen die je lang niet hebt gezien.
Schrijf elke dag iets. Al zijn het maar een paar regels. Je toekomstige zelf zal je er eeuwig dankbaar voor zijn. Net als je eventuele (klein)kinderen.

Over de auteur

 

Hoogleraar psychologie en geluksonderzoeker Sonja Lyobomirsky heeft ‘De zeven mythes rond geluk’ ontdekt: breed gedeelde opvattingen over wat belangrijk is om een gelukkig leven te kunnen leiden, maar die illusies zijn. Omdat je je eigen leven het best kent, deel ik graag mijn persoonlijke ervaringen met deze misverstanden. Zeven geluksmythes ontmanteld…

1/ Geluk = met de juiste persoon trouwen

Getrouwd zijn op zich maakt ons gelukkiger, dat klopt, zo blijkt uit onderzoek. Maar studies tonen ook aan dat het grote geluksgevoel dat het huwelijk veroorzaakt maar twee jaar duurt. Daarna wordt het ‘gewoon’, en dan denken we vervolgens dat er iets mis is met ons, aldus professor Lyobomirsky. Vandaar ook dat het aantal scheidingen zo is toegenomen.
Mijn persoonlijke ervaring is dat samenwonen of getrouwd zijn nauwelijks verschil maakt. Ik wilde na 10 jaar ‘verkering’ met Petra trouwen omdat ik het niet op m’n 50e (een leeftijd die ik inmiddels ruim gepasseerd ben) nog steeds over ‘mijn vriendin’ wilde hebben. Vond ik onvolwassen.
We zijn nu 35 jaar bij elkaar, waarvan 25 getrouwd. Natuurlijk komt er na de eerste vlinders-in-je-buik-tijd iets anders voor in de plaats, maar hoe meer verleden je samen deelt, hoe hechter de band wordt. En of iemand de juiste persoon is, daar moet je continu aan blijven werken door elkaar aandacht te geven en te steunen, en vooral niets van elkaar te eisen. ‘Jij moet (met) mij (niet)…’, dat soort kreten. Wij moeten helemaal niets, behalve van elkaar houden en elkaars vrijheid en keuzes respecteren. Omdat zij dat ook vindt, is zij de juiste persoon voor mij. En om nog 1001 redenen, maar dat staat hier nu even buiten.

Petra en ondergetekende op onze trouwdag, 14-02-1994.

2/ Nu mijn relatie kapot is, zal ik nooit meer gelukkig zijn

Sonja Lyobomirsky schrijft: wij lijden onder een enorme angst voor liefdesbreuken en echtscheidingen, maar het blijkt dat gemiddeld vier jaar na de ontbinding van een moeizame relatie mensen gelukkiger zijn dan tijdens die relatie.
Dat klopt. Toen ik op mijn 20e voor het eerst werd gedumpt, na een relatie van ruim twee jaar, dacht ik zo ongeveer dat mijn leven voorbij was. Das Leiden des jungen Edwins. Het tegendeel was waar, het begon allemaal pas. Na een moeizaam half jaar krabbelde ik overeind. Een paar avontuurtjes volgden tot ik begin 1984 Petra tegenkwam (zie ook Mythe 1). Angst dat wij uit elkaar zouden gaan heb ik nooit gehad. Bij mijn eerste twee liefdes was ik daar vaak bang voor, zo lees ik ook in mijn dagboeken van destijds terug. En dan is het net als met terrorisme: hoe banger je bent, hoe meer je het monster voedt.

3/ Geluk = een partner hebben

Lyobomirsky merkt op dat ‘legio studies aantonen dat alleenstaanden niet minder gelukkig zijn dan gehuwden’. Dat verbaast me, want ik heb ook regelmatig het tegendeel gelezen.
Ik ken aardig wat alleenstaanden, vooral vrouwen, en ze vertellen me dat ze diep van binnen toch altijd op zoek blijven naar iemand. Of ze roepen heel stoer dat ze niemand nodig hebben en veel te veel gehecht zijn aan hun onafhankelijkheid;  maar dan ineens hangen ze aan de arm van een nieuwe vlam, verkopen hun appartement en trekken bij hem in. Omdat er in de dierenwereld vrij weinig langdurig alleenstaanden voorkomen en ik de mens nog altijd als een wat doorgeschoten diersoort zie, denk ik dat de helft van een koppeltje zijn onze natuurlijke staat van welbevinden is. Er zijn echter ook diersoorten die elkaar de kop afbijten na de voortplantingsdaad, dus misschien is de vergelijking niet optimaal. Hoe dan ook, ik heb in mijn volwassen leven vrijwel altijd een relatie gehad, dus ik kan hier uit eigen ervaring niet zoveel zinnigs over zeggen.

4/ Geluk = je droombaan veroveren

Wacht maar, hoor je inderdaad regelmatig, als ik eenmaal daar beland ben, komt alles goed. Dat geldt niet alleen voor banen, maar ook voor ondernemingen en carrières in bijvoorbeeld muziek, theater, film, literatuur, kunst of sport, waarbij ‘die plek’ dan nummer 1 is in de Top 40, de bestsellerlijst, het erepodium etc.
Ik heb het al vaker verteld, ik had als puber drie dromen: in Toppop staan, de Hitkrant maken en bij de televisie werken. Ik heb ze alle drie gerealiseerd. Op het moment dat je dat voor elkaar krijgt, geeft dat een gigantische high. Maar na twee jaar is het gewoon werk, erg leuk werk weliswaar, maar van een droombaan alleen word je niet langdurig gelukkiger. Veel belangrijker vind ik dat ik bij mijn werk veel in flow ben, dat wil zeggen: dat je volledig opgaat in wat je doet omdat het niet teveel, maar ook zeker niet te weinig moeite kost, en dat je de tijd helemaal vergeet.
Maar waar Lyobomirsky gek genoeg niet over heeft, is over een baan veroveren überhaupt. Want één van de grootste bedreigingen voor ons welbevinden is nog altijd werkloosheid, zo blijkt keer op keer uit onderzoek.

Met televisiemaken werd mijn derde jeugddroom werkelijkheid

5/ Geluk = rijk en succesvol zijn

Die wortel aan die stok die maar voor je uit blijft bungelen: het geluk vind je altijd een stukje verderop. Aan de andere kant van de heuvels, zongen Ramses Shaffy en Liesbeth List, ons inmiddels allebei ontvallen. Het is één van de onderwerpen die me zo boeien in levensverhalen: wat betekent rijkdom en succes voor de hoofdpersoon, wat doet hij/zij om het te veroveren, en wat gebeurt er als hij/zij zijn/haar doel (niet) bereikt? Ik heb veel succesvolle mensen ontmoet door mijn werk, en geleerd: op zich maakt je doel bereiken je niet gelukkig(er). Zoals Lyobomirsky terecht stelt: ‘Het zit ‘m niet in hoe succesvol we zijn, maar in wat we met ons succes aanvangen. Het gaat er niet om hoe hoog ons inkomen is, maar hoe we het besteden.’

6/ Als je ziek wordt, kun je nooit meer gelukkig zijn

De ultieme angst, niet alleen van hypochonders, en in deze tijd helemaal: ziek worden, zeker als het chronisch is, waardoor er een donkere sluier over je bestaan valt. Dat kan inderdaad als je het láát gebeuren, door continu stil te staan bij wat een vreselijk lot je heeft getroffen. Maar hier wijst professor Lyobomirsky op één van mijn overtuigingen: het leven is waar je je op focust. Je hebt de keuze om aandacht te besteden aan zaken en bezigheden waardoor je groeit en die je zinvol vindt. Het is niet wat je overkomt, maar hoe je erop reageert wat je kwaliteit van leven bepaalt. Uit onderzoek blijkt dat of je nou het miljoen wint of in een rolstoel beland: in beide gevallen geven we het leven na een fase van gewenning hetzelfde rapportcijfer als voor de grote verandering.
Annemieke is een vriendin van mij die ruim 20 jaar geleden te horen kreeg dat ze een zeldzame vorm van kanker heeft en nog maar twee jaar te leven had. Zij is inmiddels zo’n 40 keer geopereerd, mist één long en een groot deel van haar lever, maar ze is er nog steeds en kreeg zelfs een tweede kind toen ze al 6 jaar ziek was. Ik ken maar weinig mensen die zo alles uit het leven halen als zij. Hoge pieken, diepe dalen, maar ze lééft vol overgave!

7/ Het grote geluk is op een bepaalde leeftijd voorbij

Uit onderzoek blijkt dat een overgrote meerderheid gelooft dat de kans op een gelukkig leven slinkt met de jaren. Niets is minder waar. Sonja Lyobomirsky stelt: oudere mensen zijn gelukkiger en tevredener dan jongere mensen. Drie recente studies wijzen uit dat het hoogtepunt van positiviteit zich boven de 60 bevindt. Dat schijnt te komen omdat we door het besef van onze sterfelijkheid meer overwogen keuzes maken in waar we onze tijd en aandacht aan besteden. En waar we ons wel of niet druk over maken, voeg ik daar dan aan toe. Het verstand komt, cliché cliché, met de jaren.
Zelf onderschrijf ik dit volledig: ik vind het leven steeds aangenamer, relaxter en tegelijk fascinerender worden. (En dan moet ik nog 60 worden!) Plus: ik vind andermans levens ook steeds fascinerender worden. Vandaar dat ik me op het maken van biografische films en boeken heb gestort.

Het is in deze onzekere, bedreigende fase in de geschiedenis niet makkelijk om het geluk te blijven zien. Maar zoals Merlijn Twaalfhoven in een prachtig stuk in de NRC van 28 maart schreef: ‘Laten we de kunstenaar in onszelf wat ruimte geven en het lege canvas dat voor ons ligt zien als een rijkdom aan mogelijkheden.’
Ik zou daar aan toe willen voegen: en laten we de ruimte nemen om de levenskunstenaar in onszelf te zien en te waarderen en terug te kijken op wat we allemaal al tot bestand hebben gebracht, simpelweg door te leven.

 

Over de auteur

Het algemene idee is dat een biografie iets is om, net als je pensioen, aan het eind van je leven eens over na te gaan denken. Maar er zijn goede redenen om op de drempel van jeugd naar volwassenheid de pakweg eerste 20  jaar van je levensverhaal vast te leggen. Omdat weinigen er op die leeftijd bij stil staan bij stil staan: lees hieronder een pleidooi voor een biografie vóór je dertigste.

Ik las in de krant dat er in Amsterdam maandelijks een dansochtend wordt georganiseerd die altijd uitverkocht is. Dus, zoals het artikel beschrijft, ‘de wekker om 04.45 uur zetten om een uurtje later – gedoucht en met feestkleding – uit je dak te gaan in een club. Drank en drugs niet nodig.’
Als je op je werk arriveert ben je al twee uur wezen swingen.

Muzikanten dansen niet, zo heet een album van De Dijk. Het mag dan inmiddels meer dan 30 jaar geleden zijn dat ik een lustrum lang beroepsmuzikant was, maar niet-danser ben ik mijn leven lang gebleven. Ik heb er helemaal niets mee. Een ochtendmens ben ik wel, maar de eerste uren geniet ik vooral van de stilte om me heen. Om half 8 in een volle trein zitten vind ik al irritant. Als ik om 9 uur mijn eerste sociale contacten heb bij de koffiemachine van een tijdelijke werkgever vind ik het vroeg zat. Nu ik in een periode zit van twee maanden thuis schrijven geniet ik enorm van als het buiten donker is met een kop koffie en een beschuitje aan de keukentafel de krant lezen terwijl ik weet dat een paar miljoen landgenoten zich in de ochtendspits moeten storten.

VERS IN HET GEHEUGEN

Maar ik dwaal af. In de vroege morgen uit gaan dansen is een mooi voorbeeld van omdenken. En het bracht mij als maker van biografieën er ineens op: waarom wachten met het (laten) maken van een biografie tot het avondrood van je leven aan de horizon brandt? Waarom niet bij de zonsopkomst van je volwassen leven die duistere nacht die we puberteit noemen aan het papier toevertrouwen, nu het nog vers in het geheugen ligt?

‘Na 22 jaren in dit leven maak ik het testament op van mijn jeugd,’ zong Boudewijn de Groot al. Hij keek vooral naar zijn immateriële verworvenheden en deelde die uit aan vrienden en familie, maar de balans opmaken als je aan je volwassen leven begint (en op welke leeftijd dat is verschilt van persoon tot persoon) is best een heel goed idee.

EEN GROTE RIJKDOM

Hoe je door tegen jezelf te praten al je dromen kunt waarmakenZelf heb ik van mijn 17e tot mijn 23e (niet geheel toevallig de leeftijd waarop ik ineens profmuzikant werd: een bliksemomslag) een dagboek bijgehouden. Als ik daar nu in teruglees, is het of ik een heel ander iemand was. Had ik deze notitieblokken vol Jugendschmerz niet gehad, dan had ik nu waarschijnlijk een heel ander verhaal verteld over mijn coming of age jaren.

Mijn cliënten (en in sommige gevallen ook de mensen uit hun directe omgeving) vertellen mij verhalen over hun jeugd die per definitie door de tand des tijds zijn aangepast en aangetast. Om jezelf als 19- of 20-jarige rechtstreeks in de ziel te kunnen kijken, ongecorrumpeerd door de onvermijdelijke herinterpretatie van de volwassenheid, is bijna bizar en een grote rijkdom. Destijds had ik niet kunnen vermoeden hoe waardevol de volgekrabbelde blocnotes en schriftjes voor mijn latere zelf zouden zijn.

GEMANKEERDE MEMORIE

Ik wil maar zeggen: ben je tussen de 20 en de 30, schrijf alles op, je hele levensverhaal tot nu toe. Ik garandeer je dat je over een paar decennia veel meer vergeten zult zijn dan je op dit moment denkt. George Bernard Shaw zei: ‘Het enig leesbare deel van een autobiografie is de kindertijd en de adolescentie van de schrijver. Volwassen levens zijn allemaal hetzelfde.’ Met de tweede zin van Shaws uitspraak ben ik het niet eens, de eerste zou ik willen nuanceren met ‘het sowieso altijd boeiende deel’. Laat dat deel niet in de mist van de gemankeerde memorie verloren gaan.

Over de auteur

Alles wat er in je leven gebeurt, alles wat je doet, meemaakt, wat je overkomt ook, vormt samen je levensverhaal, je biografie. Alle keuzes die je maakt, hoe klein ook, hebben invloed op het verloop van het verhaal. Je bent zelf voor een belangrijk deel de schepper van je leven. Schrijf zelf je levensverhaal. Je kunt je verhaal redigeren tijdens dat je de dagen, maanden, jaren aaneenrijgt om zo tot een door jou gewenst resultaat te komen.

Stel, je staat voor een belangrijke keuze in je leven. Bijvoorbeeld: durf ik het aan om een half jaar vrij te nemen om mijn droom te realiseren? Dat kan zijn: een wereldreis maken en daar vervolgens een boek over schrijven. Als je leven een roman of een filmscript zou zijn en jij bent de auteur, wat zou je dan doen? Die reis maken, toch? Daarmee maak je je levensverhaal tot een verhaal dat anderen willen lezen of zien, als het een film zou zijn. Als je gewoon blijft doen wat je al doet, wordt het verhaal voorspelbaar, hoe opwindend hetgeen je nu doet aanvankelijk misschien ook was.

MEESLEPEND EN SPANNEND

Maar loop je dan niet het risico dat het verhaal slecht afloopt? Dat je in een half jaar er een kapitaal doorheen jaagt, dat je boek flopt en je geen geld meer hebt en je je huis moet verkopen? Misschien. Maar dan is het verhaal nog steeds meeslepend en spannend. Vervolgens schrijf je het hoofdstuk over hoe je je daar weer uit omhoog werkt.

Leven is creatief materiaal. Elke dag, elk uur, elke minuut maak je keuzes, creëer je gedachten, gebeurtenissen, woorden, sociale interactie. Dat is wat mensen doen, daar moet je vooral mee doorgaan. Maar op gezette tijden, laten we zeggen elke zondagochtend als buiten de kerkklokken luiden, kun je het materiaal dat je hebt gecreëerd redigeren. Door het te overdenken of terug te kijken of te lezen en te bepalen welke veranderingen, verbeteringen je kan aanbrengen om tot het beste resultaat te komen. En die verbeteringen pas je vervolgens toe.

EEN GATENKAAS EN EEN LIEGBEEST

Hoe kun je je eigen leven terugkijken of -lezen? Door het eerst òf op te nemen òf op te schrijven. Je eigen leven opschrijven is het makkelijkst, met potlood in een dummy of een Parker in een Moleskine, of intikken op je laptop: kies altijd voor de werkwijze die jij het prettigst vindt, die de minste drempels opwerpt. Als je maar schrijft. Liefst elke dag. Er zijn periodes in mijn leven dat ik dat intensief heb gedaan, bijvoorbeeld van mijn zeventiende tot mijn drieëntwintigste. Toen ik dat 30 jaar later weer terug las, was ik verbijsterd door hoeveel ik was vergeten. Het autobiografisch geheugen is een gatenkaas en een liegbeest. Lees Douwe Draaisma er maar op na.

Kijk in de spiegel, dat kan ook. Je gaat voor een camera zitten, aan het eind van elke dag. Vertel de lens wat je hebt meegemaakt, gedacht, gevoeld, ervaren. Je kunt het ook inspreken op je smartphone of tablet. Eens per week kijk, luister of lees je het terug en dan neem je de rol aan van een strenge eindredacteur. Schrap, pas aan, gooi om, voeg toe. Terugdraaien kan niet, maar zorgen dat je je rode pen de volgende week minder nodig hebt, dat kan wel.

JE LAATSTE BLADZIJDE

Want de volgende stap is om je verhaal vooruit te gaan bedenken. Hoe wil je dat het eruit ziet, waar moet het over gaan, waar moet het zich afspelen, wie moeten er in meespelen, enzovoort. Je visualiseert je toekomst, het volgende hoofdstuk. En dan voer je het uit.

Je leven is een verhaal. Maak er een pakkend verhaal van. Wees een held, een schurk, een uitvinder, een inspirator, een bedenker, een kunstenaar, een wetenschapper of een artiest. Jouw keuze. Maar wees! Doe! Leef! Je weet namelijk nooit of je deze ochtend wakker bent geworden op je laatste bladzijde. Of dat er boven je ineens die onheilspellende letters verschijnen: The End…

Over de auteur

Het is vakantietijd. Jippie. Vakantie komt van het Latijnse woord vacare: vrij zijn van… “Vacuüm” is er ook van afgeleid: vrij van materie en druk. In de vakantie zijn we vrij van werk, van verplichtingen. Van de druk van de dagelijkse ratrace. Volgens William Bridges, auteur van Transitions, een klassieker over verandering, is zo’n periode essentieel voor je ontwikkeling. Veel historische figuren, zoals Mohammed, Dante en Buddha, leerden ons al de noodzaak van afzondering in het woud of de woestijn. Vertaald naar nu: een bungalowpark, camping of resort. Dit is hoe je het meeste rendement uit je vakantie haalt.

In de natuur blijft nooit iets hetzelfde. Alles ontstaat en alles vergaat uiteindelijk. En tussen die twee momenten verandert alles continu. Stabiliteit, stilstand is onnatuurlijk; denk maar aan de seizoenen en de banen van sterren en planeten. Onbewust veranderen wij voortdurend; er is geen cel meer in ons lichaam die nog dezelfde is als toen we geboren werden. Maar ook bewust veranderen we. We zijn niet meer gelukkig met de huidige situatie, we ontgroeien dingen, we ontwikkelen nieuwe plannen, hebben nieuwe wensen en dromen. En dus willen we veranderen. Alleen kost ons dat enorm veel moeite. Denk maar aan de goede voornemens met nieuwjaar, bijna niemand houdt het langer dan een maand vol.

ELKE LEVENSFASE VRAAGT ZIJN EIGEN BENADERING

Elke verandering vraagt tijd voor aanpassing. Zelfs als iemand een miljoen wint is er in eerste instantie een soort van shock. Veel loterijwinnaars houden zich vaak aanvankelijk vast aan hun oude levenspatroon, blijven gewoon naar hun werk gaan, houden vast aan wat ze kennen. Maar ook minder ingrijpende veranderingen kosten veel aanpassingsvermogen. Stoppen met verslavingen en ongezonde gewoontes, afvallen, meer gaan sporten, meer balans vinden tussen werk en privé, het zijn vaak enorme opgaven. Waarom kost het ons toch zoveel moeite? Lees daar ‘Waarom veranderen (meestal) mislukt’ van Maarten Appelo maar eens op na. Hij legt uit dat het rationele, meest ontwikkelde deel van ons brein het vaak aflegt tegen de oudere delen die een enorm grote onbewuste invloed op ons gedrag hebben.
We kunnen niet ons hele leven hetzelfde blijven, hetzelfde denken, hetzelfde doen, hetzelfde reageren. Elke levensfase vraagt zijn eigen benadering. En als je zelf niet voor veranderingen kiest, dan kiest het leven ze voor jou en worden ze je opgedrongen. Dat zijn dan vaak niet de veranderingen waar je zelf voor zou kiezen.

William Bridges adviseert om uit te zoomen: bekijk elke verandering in de context van je hele levensreis. Er zijn drie stadia van verandering:
1/ Je maakt je los van je vaste patronen. Stap buiten je normale leven. Maak tijd voor jezelf, het liefst alleen. Besteed aandacht aan je dromen en gedachten.
2/ Je raakt je identiteit kwijt. Alles wat je voorheen motiveerde is (tijdelijk) weg. Hou een dagboek bij of schrijf je autobiografie. Neem de tijd om je levensverhaal te herschrijven, zodat je letterlijk en figuurlijk een nieuw hoofdstuk kan beginnen.
3/ Je ziet in dat hoe je de wereld zag niet de werkelijkheid was. Ga op zoek naar jouw nieuwe werkelijkheid. Probeer te ontdekken wat je echt wilt, wat je doel in het leven is. (Zie mijn blog afl 6, over Finding your own north star van Martha Beck)

KEUZES VOOR VERANDERING

Je kunt het ook nog extremer aanpakken en een sabbatical opnemen van een paar maanden, een half jaar of nog langer. Vorig jaar heb ik bewust voor zo’n periode gekozen en drie maanden lang geen opdrachten aangenomen. Ik ben gaan nadenken over hoe ik de laatste tien, twaalf jaar van mijn arbeidzame leven wil invullen. Ik heb mijn oude dagboeken, agenda’s, notitieboekjes doorgenomen en vroeg me af: hoe wil ik dat mijn agenda er de komende jaren uitziet? Wat geeft mij voldoening, wat vind ik zinvol en zorgt ook nog voor een inkomen? Mijn eigen levensloop vergeleek ik met die van anderen en ik realiseerde me dat keuzes me boeien, keuzes voor verandering. Dat levensverhalen me boeien. Ik besloot om me daar op toe te leggen en begon biografiebureau Ditisjeleven.nl.

NIEUWE IDEEËN

Annemieke Raatsie en ik in de gastenruimte van RTL Late Night

Maar gedurende dit proces realiseerde ik me ook dat ik geen afscheid wilde nemen van dat prachtige vak televisie maken. Door tot rust te komen en een time out te nemen ontdekte ik dat ik nog steeds verhalen wil vertellen voor grote aantallen kijkers. En met die realisatie kwamen de mooie opdrachten als vanzelf weer op mijn pad. Vorig jaar leidde dat onder meer tot een eenmalig succesvol avondvullend live-programma op National Geographic, en tot een aantal proefafleveringen van talkshows en documentaireseries. Het helpen ontwikkelen van nieuwe ideeën is wat me het meest fascineert en uitdaagt. Momenteel ben ik research aan het plegen voor een nieuw concept voor RTL4 dat dicht aanschurkt tegen mijn werkzaamheden als biograaf. Daarnaast schrijf ik momenteel een boek over het leven van een cliënt van me (een boek dat als het klaar is eind van de zomer als verrassing in kleine oplage voor haar kinderen en kleinkinderen wordt gedrukt), de opnamen voor de documentaire over het leven van Annemieke Raatsie lopen nog steeds door en ik coach twee dappere, veelbelovende auteurs, Len van der Hoeven en Kiki van der Harst, bij het schrijven van hun eerste boek.

Voor mij geen vakantie deze zomer, maar dat is het rechtstreekse gevolg van de drie maanden die ik vorig jaar heb opgenomen, de plannen die ik toen heb ontwikkeld en de keuzes die ik vervolgens heb gemaakt.

DE CYCLI VAN HET LEVEN

Als je klaar bent voor een nieuwe stap, schrijft William Bridges, stel je dan open en kansen zullen zich aanbieden. Je gaat dan een opwindende tijd tegemoet. Maar doe het rustig aan en zorg voor continuïteit vanuit je ‘oude leven’. En laat je niet ontmoedigen als de veranderingen te traag gaan voor je gevoel.
Als je meer bedreven en ervaren raakt in het (h)erkennen van je eigen gevoelens in perioden van verandering, dan leer je om de cycli van het leven te beheersen. Bridges haalt daarbij Ralph Waldo Emerson aan: ‘Niet in zijn doelen maar in zijn transities toont de mens zijn grootsheid.’
Daar voeg ik Nelson Mandela’s beroemde uitspraak aan toe: ‘Be the change you want to see in the world.’
En dan hebben we natuurlijk nog David Bowie’s classic:
Ch-ch-ch-ch-changes
(Turn and face the strange)
Ch-ch-changes
Don’t wanna be a richer man
Ch-ch-ch-ch-changes
(Turn and face the strange)
Ch-ch-changes
Just gonna have to be a different man
Time may change me
But I can’t trace time

(Dit is een geactualiseerde versie van een blog dat ik in juli 2017 schreef. )

Covers van digizine De Biograaf van Ditisjeleven.nl

ABONNEER JE OP DE BIOGRAAF, HET GRATIS DIGIZINE VAN DIT IS JE LEVEN.

In De Biograaf staan artikelen en interviews over, en besprekingen van (auto)biografieën en levensverhalen. Over films, boeken en tv-programma’s waarin levensverhalen centraal staan. Gesprekken met inspirerende mensen over de keuzes die zij in hun leven hebben gemaakt. Praktische tips voor het maken van films over en het schrijven van levensverhalen. En inzichten en tips uit de wereld van de levenskunst, die kunnen helpen bij het verbeteren van de kwaliteit van je leven.

SCHRIJF JE NU IN OP: www.ditisjeleven.nl/de-biograaf  

Over de auteur